proYESmanagement

Zoeken

Andere taal voor andere tijden

Bijgewerkt: 4 apr 2018


Ik las Volkskrant/NRC/Vrij Nederland, was lid van de VPRO, was vegetariër, vond Ajax leuk voetballen en deed aan sport. Er waren een beperk aantal tv zenders en alleen zondag was serieus de moeite waard om de hele avond achter de buis te hangen (Studio Sport, Koot en Bie, Diogenes). Ik dronk Grolsch, ging ‘s zondags even naar het strand, verveelde mij nooit en had toch altijd wel het gevoel dat ik tijd over had.

De zomermaanden waren nog maanden om het rustig aan te doen, het archief op te ruimen en als je een memo verstuurde, dan ging je zelf met memo en bijlag naar het kopieerapparaat om voor iedereen een kopie te maken om daarna bij iedereen een exemplaar ik het postbakje te stoppen.

Het zijn andere tijden. Eerst dacht ik nog: ik begin oud te worden. En het vijftigste levens jaar is dan een markerend jaar,  als ik de verhalen mag geloven.

De veranderingen die zich aandienen stapelen zich op en laten forse sporen na in ons collectief begrijpen. Vroeger was niet alles beter en makkelijker. Vroeger was het wellicht overzichtelijker. Het zijn echt andere tijden.  Wijzigingen zitten sterk in de technologie: ik kan 24 uur per dag onbeperkt tv kijken. Ik volg het nieuws op mijn smartphone. Ik stuur mailtjes, tweets enz. Daarmee bereik ik in een handomdraai de hele wereld. Als ik wil. Als ik tijd heb. Want aan vakantie doen we het hele jaar. Dus op 1 juli start ik een groot project voor de jeugdzorg. Het archief is toch al digitaal opgeruimd.

In de stroomversnelling waarin wij nu zitten, volgen veranderingen zich parallel en snel op. De transitie naar de gemeenten van de jeugdzorg is niet een op zich zelf staande ontwikkeling. Deze gaat gepaard met nieuwe inzichten op de rol van cliënten, patiënten, overheid en burger.  Daarbij komen: forse bezuinigingen, strijdige ontwikkelingen in regio indeling, stelselherziening, wijziging in de AWBZ, onzekerheid over werkgelegenheid, pensioen en inkomen  en nieuwe technologisch ontwikkelingen.

Jan Rotmans stelt in zijn boek ‘In het oog van de orkaan’ dat we niet in tijden van verandering zitten, maar in de verandering van een tijdperk, te vergelijken met rond 1900. Er zijn veel parallelle en elkaar opvolgende veranderingen die zich voordoen op het terrein van zorg, technologie, economie, politiek, industrie, ecologie, infrastructuur. 

We weten niet meer zo goed te duiden wat er precies moet gebeuren en hoe. De vraagstukken zijn te complex om op klassieke manier een project te doen om van A naar B te komen. Niet beslissen is geen optie.

Ik luister naar een mooi voorbeeld van hoe het kan in de jeugdzorg. Van een organisatie die de visie van ‘zelfsturing’ van top tot werkvloer tot client doorleeft. Met de bestuurder voorop, tastend in het donker en elkaar de handen vasthoudend de toekomt verkennend. Eerst voorzichtig en daarna resoluter. En dan toch je neus stoten… Gaande de reis leren betekenis te geven aan een nieuwe realiteit waarin ‘grotere zelfstandigheid’  en ‘grotere netwerkafhankelijkheid” beetje bij beetje betekenis krijgen. Dus blijft de bestuurder op de handen zitten, ook al is er de neiging naar grip en controle.

‘Grip volgt op be-grip’ zegt mijn collega Steven en ik denk: ‘Ja! Dat is het precies!’ Begrip, betekenis, nieuwe tekens, nieuwe symbolen en nieuwe taal om onze wereld en ons werk te begrijpen. Daar is veel dialoog voor nodig om deze wereld opnieuw te ontdekken.

Maandag 1 juli start mijn project voor de jeugdzorg. Nu eerst een ouderwetse beugel uit het kratje om te vieren dat ik deze ontdekkingsreis mee ga maken.